Juist de aanpak van de zwakste dijken vertraagt het grootste bouwprogramma van Nederland
De dijkverzwaring langs rivieren is het grootste bouwprogramma in Nederland. Maar op veel plekken treedt vertraging op, blijkt uit onderzoek van vakblad Cobouw.
Klimaatverandering kan forse pieken gaan veroorzaken in de waterstand van rivieren. Om die reden moet Nederland voor 2050 zo’n 1400 kilometer aan dijken en 400 sluizen en gemalen versterken. Een gedetailleerde analyse van projecten in vakblad Cobouw laat zien dat er nu al in veel gevallen vertraging is.
Het programma loopt al sinds 2019 en er is al 2,1 miljard euro aan uitgegeven. De komende 25 jaar zal daar naar schatting nog zo’n 18,5 miljard euro bij komen. De 21 waterschappen in Nederland voeren met Rijkswaterstaat de dijkverzwaring uit, 17 van hen moeten daadwerkelijk met hun dijken aan de slag.
Cobouw bekeek 122 projecten die nu in de plannings- of uitvoeringfase zijn, goed voor ruim 800 kilometer aan dijkverzwaring. Het zag dat er 43 minimaal een jaar later beginnen of zijn begonnen - tegen 1 eerder en 10 als verwacht - en 51 minimaal een jaar latere opleverdatum hebben dan eerder gemeld - tegen 5 eerder en 15 als verwacht. Van de rest van de projecten is de eventuele vertraging nog niet vast te stellen omdat ze te ver in de toekomst liggen.
Recreatie en rugstreeppadden
Vaak komt de vertraging doordat de voorbereidingen meer tijd kosten dan eerder gedacht. Zo kan het ingewikkeld blijken om de dijkverzwaring goed te combineren met andere functies van een gebied. Uiterwaarden langs de rivieren dienen bijvoorbeeld ook vaak voor recreatie, en die moet worden ingepast.
Daarnaast zijn er vraagstukken die breder spelen bij bouwprojecten in Nederland. Zo hebben bouwers nog onvoldoende elektrisch materieel om met minimale stikstofuitstoot te werken, wat vertraging kan opleveren. Ook speelt de noodzaak mee de biodiversiteit overeind te houden, zoals in Sint-Annaland op Tholen in Zeeland waar rugstreeppadden zijn gevonden en de versterking moest worden uitgesteld. Daarnaast kampen sommige infrabedrijven met gebrek aan personeel, en verloopt de vergunningverlening soms trager dan verwacht.
In enkele waterschappen zijn alle onderzochte projecten vertraagd: in de Hollandse Delta, Schieland en de Krimpenerwaard, en Noorderzijlvest. In het waterschap Rivierenland, dat met ruim 170 kilometer de meeste dijken moet verzwaren, geldt dat voor de helft van de kilometers die versterkt moeten worden. Bij hoogheemraadschap De Stichtste Rijnlanden, de Brabantse Delta, de Scheldestromen en Zuiderzeeland gaat het meer conform de verwachting.
Overigens meldden sommige waterschappen dat langer voorbereiden uiteindelijk ook kan zorgen voor juist minder werk, als beter wordt uitgerekend wat er feitelijk nodig is. Recent onderzoek van onderzoeksbureau Decisio liet zien dan de afgelopen jaren de meeste projecten inderdaad goedkoper uitvielen dan was begroot.
Capaciteitsproblemen
Volgens de waterschappen speelt bij de vertraging mee dat nu eerst aan de zwakste punten in het dijkenstelsel wordt gewerkt. Dat zijn vaak complexe projecten. Zeker op plekken waar ook huizen langs de dijk staan, kan het lastig zijn de verhoging te combineren met de verbreding die noodzakelijk is om de dijk stabiel te houden.
Voor bouwbedrijven is het lastig als veel projecten vertraging oplopen. Als zij minder werk hebben dan ze hadden verwacht, is het moeilijk hun personeel in dienst te houden. Komt het stuwmeer aan opdrachten later alsnog binnen, dan is de vraag of ze voldoende capaciteit hebben om die opdrachten aan te gaan.
Directeur David van Raalten van het Hoogwaterbeschermingsprogramma, zoals het samenwerkingsverband tussen de waterschappen en Rijkswaterstaat heet, zegt tegen Cobouw dat het toch kan lukken. De planningen worden strakker in de gaten gehouden en er worden lessen getrokken uit de ervaringen tot nu toe. Ook wisselen de waterschappen informatie uit over bijvoorbeeld oplossingen voor stikstofbeperkingen.
Lees ook:
Hogere dijken of meer wateropvang? Hoe willen we dat Nederland er uitziet, dat is de vraag
Na dijkverzwaring schiet ook aanpassen aan het water tekort tegen de gevolgen van klimaatverandering, stelt onderzoeker Tom van der Voorn. ‘Kijk eerst naar de toekomst en kies dan je maatregelen’, zegt hij.