Buurlanden van Rusland stappen uit antilandmijnenverdrag
Finland, Polen en de Baltische staten willen weer mijnenvelden kunnen aanleggen.
Finland heeft aangekondigd dat het zich vanwege de Russische dreiging terugtrekt uit het antilandmijnenverdrag. Het gaat om de zogenoemde Ottawa-conventie, die de productie, opslag en inzet van antipersoonsmijnen verbiedt. De Finse regering zegt niet van plan te zijn om meteen weer anti-persoonsmijnen te gaan gebruiken. Maar zij wil wel weer voorraden ervan gaan aanleggen om snel mijnenvelden te kunnen aanleggen als dat nodig is.
Finland heeft een meer dan 1300 kilometer lange grens met Rusland, de langste van alle Navo-landen, en is bezorgd over Moskous expansiedrift. “Met de terugtrekking uit de Ottawa-conventie kunnen we flexibeler reageren op veranderingen op veiligheidsgebied”, verklaarde premier Petteri Orpo dinsdag.
Afgelopen maand kondigden ook Estland, Letland, Litouwen en Polen al aan dat ze uit het anti-landmijnenverdrag stappen. Deze landen grenzen eveneens aan Rusland. ‘De veiligheidssituatie in onze regio is fundamenteel verslechterd’, lieten de vier Navo-bondgenoten in een gezamenlijke toelichting weten.
Prinses Diana als pleitbezorger
Antipersoonsmijnen, ook antipersoneelsmijnen genoemd, worden doorgaans vlak onder de grond begraven en ontploffen als er een persoon overheen loopt. Ze doden lang niet altijd, maar verminken wel op grote schaal. Vaak maken ze bovendien jaren na een conflict nog slachtoffers, vooral onder burgers.
Het verdrag dat de mijnen verbiedt, werd in 1997 gesloten in de Canadese hoofdstad Ottawa. Het heeft alleen betrekking op antipersoonsmijnen; antivoertuigmijnen vallen er niet onder.
Het verdrag was een van de ontwapeningsakkoorden die werden gesloten na het einde van de Koude Oorlog, begin jaren negentig. De activisten die zich ervoor inzetten, kregen daarvoor in datzelfde jaar de Nobelprijs voor de Vrede. Onder de pleitbezorgers was de Britse prinses Diana, die naar voormalige oorlogsgebieden als Angola en Bosnië reisde om er aandacht voor te vragen.
Maar vanaf het begin deden de grootmachten Amerika, China en Rusland niet mee. En ook landen als Israël, Egypte, Iran en India tekenden niet.
‘Stap terug’
Rusland legde sinds zijn grootscheepse invasie van Oekraïne begin 2022 omvangrijke velden met antipersoons- en antivoertuigmijnen in dat land aan, onder meer in de zogenoemde Soeroviki-linies in het zuiden. Deze mijnenvelden maken het op die plekken voor de Oekraïners extra lastig op te rukken. En hoewel Oekraïne wel aangesloten is bij de Ottawa-conventie, gebruikten de Oekraïners de laatste jaren ook antipersoonsmijnen bij hun verdediging tegen de Russische agressie. Toenmalig Amerikaanse president Joe Biden gaf eind vorig jaar opdracht anti-personeelsmijnen te leveren aan Oekraïne, om de Russische opmars af te remmen.
Het Internationaal Comité van het Rode Kruis, dat onder meer bemiddelt en hulp verleent in oorlogsgebieden, heeft bezorgd gereageerd op het besluit van de Navo-landen. En ook mensenrechtenorganisaties toonden zich teleurgesteld. Amnesty International sprak van ‘een verontrustende stap terug’.
Noorwegen, het enige andere Europese land dat grenst aan Rusland, liet dinsdag in een reactie weten dat het zich niet terugtrekt uit de Ottawa-conventie. De Noorse minister van Buitenlandse Zaken, Espen Barth Eide, zei de beslissing van de andere landen ook te betreuren, omdat deze het stigma doet slinken dat rust op antipersoonsmijnen. “Dit maakt het makkelijker voor strijdende partijen wereldwijd om deze wapens weer te gaan gebruiken.”
Lees ook:
Igor en Danil ruimen mijnen in Oekraïne. ‘Ik weet dat ik bijdraag aan iets groots’
In Oekraïne, het meest bemijnde land ter wereld, werken militairen mee aan het ontmijnen van de landbouwgrond. ‘Rustig kun je dit werk niet noemen.’ Een reportage van correspondent Michiel Driebergen.