Direct naar artikelinhoud

Achter Donald Trumps onbehouwen gedruk en gezaag zit een economisch masterplan, toch?

Rhonald Blommestijn

De chaotische tarievenoorlog die president Donald Trump voert, krijgt deze week een vervolg. Hij heeft 2 april bestempeld tot ‘Bevrijdingsdag’ en wil dan een reeks nieuwe strafmaatregelen bekendmaken. Op zoek naar ratio achter de chaos kijkt de wereld naar Stephen Miran, Trumps economisch adviseur. Wat is zijn plan, en slaat het ergens op?

zijn economieredacteuren en volgen voor de Volkskrant de handelsoorlog met de Verenigde Staten.

En weer was er een week waarin de Amerikaanse president Donald Trump de wereldeconomie een schok bezorgde door nieuwe tarieven aan te kondigen. Dit keer op alle auto’s die de Verenigde Staten binnenkomen. Nieuws dat hard aankomt bij Europese en Chinese autobouwers. En waarvan economen ook weer direct duidelijk maakten hoezeer de maatregel de Amerikaanse consument zal raken.

Omdat Trump met zijn tarieventerreur zijn eigen economie zoveel schade berokkent, zoekt de wereld naarstig naar de ratio achter zijn onberekenbare gedrag. Zeker omdat hij eerder heffingen soms luttele uren na de invoering alweer uitstelde. In die zoektocht valt de laatste weken steevast de omineuze titel van een essay geschreven door ene Stephen Miran: ‘Handleiding voor de herstructurering van het wereldwijde handelssysteem’.

Luister ook naar onze podcast

Miran, een 41-jarige econoom die aan Harvard promoveerde en daarna een carrière had in de financiële sector, publiceerde het essay begin november. Inmiddels is hij door Trump benoemd als voorzitter van de economische adviesraad in het Witte Huis. Zijn routeplan wordt dus gelezen als een intellectuele onderbouwing van de chaos die Trump creëert. Of toch in elk geval een blik op de denkwereld van de kliek rond Trump.

Centraal in dat denken staat het idee dat Amerika’s economische hegemonie in de wereld de laatste decennia is aangetast door de buitenwereld – Trump: ‘They are ripping us off.’ Met daarin een hoofdrol voor de dollar. Om de economische wereldmacht van de VS veilig te stellen, moet Trump vriend en vijand op de knieën krijgen en hen dwingen een spectaculaire deal te tekenen, stelt Miran. Deze deal is op voorhand al het Mar-a-Lago-akkoord gedoopt, naar Trumps buitenhuis in Florida. Hij moet twee dingen regelen: de waarde van de dollar moet omlaag, terwijl de status als wereldmunt gehandhaafd moet worden.

Waarom bestempelen economen het plan massaal als kansloos en zeer riskant, en waarom nemen ze het tegelijkertijd zeer serieus? Vier vragen over het routeplan van Miran, om te beginnen bij die hoge koers van de dollar.

Waarom zou een hoge dollarkoers een probleem zijn?

Op het eerste gezicht is dat inderdaad gek. Doorgaans is een dure munt juist het bewijs van een sterke economie. In het geval van de dollar geldt bovendien dat die hoge koers ook een bevestiging is van de dollar als dé wereldmunt. Landen en bedrijven wereldwijd houden massaal spaarpotjes met dollars in reserve. Mocht hun eigen munt crashen, dan kunnen ze nog terugvallen op hun waardevaste dollars om te betalen. Een groot deel van het wereldwijde handelsverkeer, bijvoorbeeld dat in olie, gebeurt bovendien met dollars.

Die constante vraag naar dollars heeft grote voordelen voor de VS. Ten eerste macht: leggen de VS financiële sancties op, zoals een afsluiting van het wereldwijde Swift-betalingssysteem, dan doet dat echt pijn. Het is ook een van de redenen dat Amerika een grote en zeer lucratieve financiële sector heeft. En doordat de rest van de wereld maar dollars blijft kopen, kunnen Amerikanen goedkoop goederen importeren.

Maar de medaille kent ook een andere kant. Een dure dollar maakt het voor andere landen duurder om spullen uit de VS te importeren. Dit is een van de oorzaken dat de VS al decennia een groot handelstekort hebben. Ze importeren meer spullen uit het buitenland dan dat ze exporteren.

De dure dollar drukt dus op de Amerikaanse maakindustrie. Die verliest al decennia terrein ten opzichte van met name China. Met het gevolg dat ‘werkende families’ niet meer in staat zijn goed in hun eigen levensonderhoud te voorzien, schrijft Miran. ‘Zij raken verslaafd aan uitkeringen of verdovende middelen, of ze vertrekken naar welvarender gebieden.’ Gemiddeld genomen is de werkloosheid in de VS overigens laag, een van de redenen dat economen menen dat Trumps obsessie met het handelsoverschot ongegrond is.

Miran noemt ook het geopolitieke risico van de verdwijnende industrie uit de VS. Als je niet zelf de hele toeleveringsketen in handen hebt om wapens te produceren, ben je niet veilig. Daarbij citeert hij president Trump: ‘Als je geen staal hebt, heb je geen land.’

Hoe denkt Stephen Miran het probleem op te lossen?

Hij wil het beste van twee werelden: de dollar in waarde laten dalen én de status als wereldmunt behouden. ‘De taart behouden en opeten tegelijkertijd’ is de schamperende metafoor waarmee zijn critici daarop antwoorden. Of: ‘Een cirkel vierkant maken.’

Toch denkt Miran een manier te hebben gevonden. Hij ziet ‘een smal pad’ als Trump een wortel en een stok oppakt. De stok is het opleggen van hoge importtarieven en het staken van militaire hulp. De wortel is de vrije handel en militaire bescherming die landen kunnen krijgen als zij het Mar-a-Lago-akkoord tekenen.

In dat akkoord beloven andere landen – Miran heeft onder meer de eurolanden, het Verenigd Koninkrijk, China en Japan op het oog – dat ze hun dollarreserves zullen verkopen. Hierdoor daalt de waarde van de munt.

Zo’n devaluatie zal de wereldeconomie in rep en roer brengen; dat beseft Miran ook. En dat belooft direct een nieuw financieel probleem voor de VS. Amerika heeft, als afgeleide van het constante handelstekort, afgelopen decennia namelijk een gigantische staatsschuld opgebouwd. Die drukt nu zwaar op de begroting, de rentelasten zijn groter dan de kosten van het leger. De rentelasten wegen zo zwaar dat de staatschuld aanmerkelijk harder groeit dan de economie. En zodra de dollar devalueert, dreigt ook de rente die Amerikanen over hun schuld moeten betalen, snel op te lopen.

Om te voorkomen dat de VS onder de schuldenberg bezwijken, wil Miran in Mar-a-Lago dus ook afdwingen dat de meewerkende landen Amerikaanse staatsleningen afsluiten met looptijden van honderd jaar of zelfs langer. Zonder dat de Amerikanen hierover rente betalen. Zo houden de VS de eigen staatsschuld beheersbaar én blijft de dollar de belangrijkste reservemunt.

Voert Trump inderdaad het plan van Miran uit?

Dat heeft Trump zelf niet letterlijk gezegd. De enige concrete aanwijzing is dat hij voortvarend is begonnen met zijn agressieve importheffingen en het zaaien van onzekerheid bij militaire bondgenoten.

Het risico van ‘sane washing’ ligt op de loer, waarschuwden economisch analisten in tal van media afgelopen weken: de wens om lijn aan te brengen in Trumps chaos, terwijl er achter die chaos misschien louter leegte gaapt. Bovendien zijn er naast de school-Miran ook andere stromingen te ontwaren in Trumps entourage. Zoals de libertaire club rond Elon Musk. Hun doel lijkt eerder het afbreken van overheid, regels en belastingen.

Zeker is ook dat Trump Mirans adviezen al deels in de wind slaat. Herhaaldelijk hamert Miran in zijn essay op het belang van een geleidelijke en voorspelbare invoering van importheffingen. Maar Trump voert heffingen in om ze doodleuk weer uit te stellen. Mede door deze onzekerheid gingen de Amerikaanse beurzen de afgelopen maand onderuit. Trump trapte hierdoor niet op de rem, integendeel. In een interview met Fox News weigerde hij uit te sluiten dat zijn maatregelen een recessie zouden kunnen veroorzaken, met opnieuw een schok op Wall Street als gevolg.

Afgelopen week vroeg persbureau Bloomberg het Miran op de man af: brengt Trump zijn plan nou in uitvoering, of niet? De adviseur zei toen slechts een ‘receptenboek’ te hebben geschreven waar zijn ‘chef’ elementen uit mag pikken. Volgens Miran concentreert de president zich eerst op het opleggen van importheffingen, niet op het sluiten van een Mar-a-Lago-akkoord. Al hield hij deze optie wel open voor later. ‘Dat zou kunnen.’

Kan het plan van Miran überhaupt werken?

Er zijn weinig economen te vinden die dat denken. Miran maakt in zijn paper een groot aantal denk- en inschattingsfouten, vat Steven Brakman, hoogleraar internationale economie in Groningen, de kritiek samen.

Neem Mirans stelling dat Trump in zijn vorige regeerperiode succesvol was, toen hij ook al tarieven oplegde aan China en Europa. ‘Daar is onderzoek naar gedaan. En het was voor de VS een extreem dure grap’, zegt Brakman. ‘Per baan die het opleverde, kostte het de samenleving zo’n 800 duizend dollar door prijsstijging van producten.’ Destijds werd die rekening niet echt gevoeld, omdat die per hoofd van de bevolking relatief laag was. Maar met de omvang van Trumps huidige tarieventerreur gaat dat anders zijn, voorspelt Brakman.

De veronderstelling dat de VS gemakkelijk de industrie terug naar eigen land kan halen, is volgens veel economen onjuist. De werkloosheid in de VS is laag en er worden goede salarissen verdiend in de dienstensector. Het lijkt onwaarschijnlijk dat die werknemers snel terug de fabriek in willen.

En dan onderschat Trump ook de impact van de chaos die hij nu ceëert. ‘Bedrijven verliezen daardoor hun vertrouwen en stoppen met investeren, dat zie je nu al gebeuren’, zegt Brakman. ‘Er ontstaat bij een deel van de Trumps achterban ook weerstand.’

Maar niet alleen daar groeit het verzet. Mexico, Canada, Europa en China reageren alle vooralsnog niet als geslagen honden nu Trump hen met tarieven ranselt. Ze stellen tegentarieven in en willen hun afhankelijkheid van Amerika zo snel mogelijk verkleinen. De veronderstelling dat ze zullen toehappen als Trump in Mar-a-Lago een wortel op tafel legt, lijkt vooralsnog dus fout.

‘Het zou heel goed kunnen dat er nooit een Mar-a-Lago akkoord komt’, zegt ook de gezaghebbende columnist Gillian Tett van de Financial Times. Maar het plan markeert volgens haar wel een dramatisch breekpunt, een einde aan de consensus en de afspraken die het internationaal financieel stelsel de laatste decennia hebben onderbouwd. ‘We vallen terug op een economische werkelijkheid zoals die er honderd jaar geleden ook was, met machtsblokken waar de leiders als keizers de dienst uitmaken.’

Wie is Stephen Miran?

Sinds maart is Stephen Miran (41) hoofd van de raad van economisch adviseurs van Donald Trump. In die functie adviseert hij de president over economische vraagstukken. Miran promoveerde in 2010 aan de universiteit van Harvard en werkte daarna bij diverse investeringsmaatschappijen. Tijdens de pandemie adviseerde hij het Amerikaanse ministerie van Financiën over fiscaal beleid. Ook was hij lid van het Manhattan Institute, een conservatieve denktank in New York.

Help ons door uw ervaring te delen: